Steeds meer Nederlandse energiebedrijven rekenen terugleverkosten voor stroom die je terug het net op stuurt. Voor wie zonnepanelen heeft is dit een belangrijke kostenpost, want die kan ongemerkt fors oplopen. Toch is er één grote uitzondering: leveranciers van dynamische energiecontracten. Maar let op: ook hier kunnen via de inkoopvergoeding alsnog ‘verborgen’ terugleverkosten ontstaan. In dit artikel krijg je volledig inzicht in hoe dit bij elk dynamisch energiebedrijf is geregeld en welke keuzes jou als zonnepanelenbezitter het meeste opleveren.
Wat zijn terugleverkosten?
Terugleverkosten zijn kosten die door het energiebedrijf worden gerekend op elke kWh stroom die je teruglevert. De meeste vaste en variabele contracten rekenen dit als vast bedrag per kWh of via staffels. Dit kan snel oplopen tot tientallen euro’s per jaar voor een gezin met zonnepanelen, zeker als je veel teruglevert. Daarom is het slim te kijken naar alternatieven zonder terugleverkosten.
Dynamische contracten: geen expliciete terugleverkosten, wél opletten op de inkoopvergoeding
Bij dynamische energiecontracten gelden geen traditionele terugleverkosten, maar vrijwel elke aanbieder werkt met een inkoopvergoeding per kWh. Het verschil zit in hoe dit bij teruglevering wordt verwerkt, want dat bepaalt uiteindelijk of je daadwerkelijk zonder “terugleverkosten” zit. Je betaalt deze vergoeding altijd bij het afnemen van stroom, maar wat gebeurt er bij teruglevering? Dit verschilt per leverancier.
Stel: de marktprijs is 15 cent/kWh en de inkoopvergoeding 2 cent/kWh.
-
Bij afname: je betaalt 15 + 2 = 17 cent/kWh.
-
Bij teruglevering: afhankelijk van je leverancier krijg je 15, 13 of zelfs 17 cent per kWh terug.
Waarom heb je bij een dynamisch contract vaak geen terugleverkosten?
Traditionele energiebedrijven – of beter: aanbieders van traditionele vaste/variabele energiecontracten – voeren terugleverkosten met name in als gevolg van de salderingsregeling. Die bepaalt dat zij voor klanten met zonnepanelen hetzelfde tarief moeten hanteren voor zowel stroomafname als -teruglevering. En daar wringt de schoen, omdat stroom juist op momenten dat er veel zonne-energie is vaak relatief minder waard is. Feitelijk moeten energiebedrijven dus de teruggeleverde stroom van hun klanten afnemen voor een tarief dat boven de marktprijs ligt. Oftewel: ze maken hier verlies op. Terugleverkosten zijn een manier om dat verlies te dekken.
Bij dynamische energiecontracten werkt het anders. Daar spreek je geen vast tarief af met je leverancier, maar geldt elk uur een andere prijs, afhankelijk van de marktprijzen op dat moment. Dynamische leveranciers hoeven dus ook geen stroom ver vooruit in te kopen en betalen jou bij teruglevering gewoon de prijs die de stroom op dat moment ook echt waard is. Zij maken op dit vlak dus geen kosten door klanten met zonnepanelen, waardoor terugleverkosten veelal niet nodig zijn. Al zijn er wel kleine verschillen, die met name te maken hebben met de zogeheten inkoopvergoeding die onderdeel uitmaakt van het stroomtarief.
Zonneplan en Tibber: de inkoopvergoeding wordt toegevoegd
Bij Zonneplan en Tibber ontvang je bij teruglevering de beursprijs plus de hiervoor genoemde inkoopvergoeding. Dit is het meest voordelige model: je ontvangt altijd de hoogste vergoeding per teruggeleverde kWh, zonder verborgen kosten. Voor afname en voor teruglevering geldt dus altijd exact hetzelfde tarief. Oftewel: is de marktprijs 15 cent/kWh en de terugleververgoeding 2 cent/kWh, dan betaal je (zonder zonnepanelen) dat uur 17 cent voor afname, maar met zonnepanelen ontvang je óók 17 cent voor teruglevering. In het specifieke geval van Zonneplan krijg je daarbovenop nog 10% extra bij teruglevering, wat het bedrijf de ‘zonnebonus’ noemt.
Frank Energie: de inkoopvergoeding wordt afgetrokken
Bij Frank Energie werkt het andersom. Hier krijg je bij het terugleveren van stroom de marktprijs minus de inkoopvergoeding. Bij een beursprijs van 15 cent en een vergoeding van 1,8 cent/kWh, ontvang je dus 13,2 cent/kWh bij teruglevering. Dit zorgt in de praktijk voor “verborgen terugleverkosten”, ook al noemt Frank Energie het op de website géén terugleverheffing. De inkoopvergoeding wordt feitelijk als “kosten” ingehouden bij teruglevering.
Wat dan weer wél interessant is: als je deelneemt aan “Slim Terugleveren” – wat inhoudt dat het bedrijf bij negatieve prijzen jouw zonnepanelensysteem uit mag schakelen – dan krijg je bij Frank Energie een bonus van 15% over de teruglevering.
ANWB Energie, EnergyZero, easyEnergy: de inkoopvergoeding wordt weggestreept (“netto salderen”)
Deze drie leveranciers – en de meeste andere partijen die (ook) dynamische contracten aanbieden – rekenen de inkoopvergoeding alleen bij afname. Het is immers ook een vergoeding voor het inkopen van stroom op de markt. Bij teruglevering vervalt dit deel van het uurtarief. Dus in het voorbeeld met een marktprijs van 15 cent en een inkoopvergoeding van 2 cent, betaal je 17 cent voor afname en ontvang je 15 cent voor teruglevering. Geen extra kosten dus voor stroom terugleveren, maar ook geen extra voordeel.
Overzicht (november 2025): hoe verwerkt elke aanbieder de inkoopvergoeding bij teruglevering?
Conclusie: ook tussen dynamische energiecontracten verschillen
Al met al kun je dus het best een dynamisch energiecontract kiezen, als je geen terugleverkosten wilt betalen. Daarbij heb je nog weer verschillen tussen leveranciers, waarbij je bij Zonneplan en Tibber de hoogste vergoeding kunt verwachten. Frank Energie is alleen aantrekkelijk als je actief deelneemt aan “Slim Terugleveren”, de standaardregeling is minder voordelig. ANWB Energie, easyEnergy en EnergyZero bieden een nette, transparante saldering zonder extra voordeel of kosten.
Tot slot een laatste advies: controleer altijd de actuele tariefinformatie en voorwaarden. De energiemarkt is flink in beweging en de opbouw van energiecontracten verschilt regelmatig. Neem bij twijfel gerust eens contact op voor een energieadvies, waarbij we ook het energiecontract meenemen.